Test
Download document

DE BOER, Herman Pieter


Annabel

Iemand zei: Dit is Annabel.

Ze moet nog naar het station.

Neem jij de wagen, dan haalt ze het wel.

Ik zei: Dat is goed, en ik, zo stom als ik kon.

We kwamen aan bij een leeg perron,

en ik zei: Het zit je niet mee.

Heel in de verte ging de laatste wagon,

en Annabel zei: Okee, ik ga met je mee.

En later lagen we samen,

zoals dat heet, een beetje moe maar voldaan.

Er kwam al licht door de ramen.

Ze zei: Ik heb geen tijd voor ontbijt, ik moet gaan".

Ik zei alleen nog: Tot ziens, Annabel, en ik dacht: Ik zie jou nooit meer terug".

Ik dacht: Ik draai me om en slaap nog even door,

maar twee uur later was ik nog wakker, lag stil op mijn rug.

Annabel, het wordt niets zonder jou, Annabel.

Annabel, het wordt niets zonder jou, Annabel.

Zo bleef ik twee dagen liggen in bed.

Ik was totaal van de kaart.

Toen stond ik op, ik moest niet denken maar doen,

want zonder haar was ik geen stuiver meer waard.

Ik ging de stad door op zoek naar een glimp,

en ik dacht: Ik zie jou nooit meer terug.

Ik ging zelfs hardop praten in mezelf,

en iemand zei: "Je stond uren met je handen op de leuning van de brug"

En op een avond zag ik haar weer.

Ze stapte net op de tram.

Ze was nog mooier dan de vorige keer.

Ik riep haar naam en trapte hard op mijn rem.

Ik sprong de auto uit en greep haar vast.

Ze stond stil en keek om.

Ze keek me aan maar was nauwelijks verrast.

Ik zei: he, waar moet je naartoe?"

Ze zei: Naar het station."

Ik bracht haar weg, ze kocht een kaartje Parijs.

Ik zei: Ja, nog 1 erbij.

De lokettist gaf twee maal enkele reis en Annebel keek even opzij.

Ik zei: Ik heb je gevonden vandaag, ik laat je nooit meer alleen.

Al reis je door naar Barcelona of Praag ,

al reis je door naar het eind van de wereld, ik ga met je mee."


Laat Me

Ik ben misschien te laat geboren,
of in een land met ander licht.
Ik voel me altijd wat verloren,
al toont de spiegel mijn gezicht.
Ik ken de kroegen en kathedralen,
van Amsterdam tot aan Maastricht.
Toch zal ik elke dag verdwalen,
dat houdt de zaak in evenwicht.

laat me, laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan.
laat me, laat me, ik heb het altijd zo gedaan.

Ik zal m'n vrienden niet vergeten,
want wie mij lief is blijf me lief.
En waar ze wonen moest ik weten,
maar ik verloor hun laatste brief.
Ik zal ze heus nog wel ontmoeten,
misschien vandaag, misschien over een jaar.
Ik zal ze kussen en begroeten,
het komt vanzelf weer voor elkaar.

laat me, laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan.
laat me, laat me, ik heb het altijd zo gedaan.

Ik ben gelukkig niet verankerd,
soms woon ik hier, soms leef ik daar.
Ik heb mijn leven niet verkankerd,
'k heb geen bezit en geen bezwaar.
Ik hou van water en van aarde,
ik hou van schamel en van duur.
D'r is geen stuiver die ik spaarde,
ik leef gewoon van uur tot uur.

laat me, laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan.
laat me, laat me, ik heb het altijd zo gedaan.

Ik zal ook wel eens een keertje sterven,
daar kom ik echt niet onderuit.
Ik laat mijn liedjes dan maar zwerven,
en verder zoek je het maar uit.
Voorlopig blijf ik nog jouw zanger,
jouw zwarte schaap, jouw trouwe fan.
Ik blijf nog lang, en liefst nog langer,
en laat me blijven wie ik ben.

laat me, laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan.
laat me, laat me, ik heb het altijd zo gedaan.