Test
Download document

DE ROOVER, Adriaan


Ergens

ergens hinken angsthengsten

door de stilte van het gras

de wind draagt

het gerucht van vlinders

die verwaand hun vleugels sluiten

mijn reis is ver ten einde

ik ruik de sterren al

en zweef in steeds wijder bogen

om de mensen heen

om aan de schreeuwgrens

neer te strijken ergens

in wat nagelaten verzen


Mijn stad

de bomen hebben zachte groene hersenen

en het water heeft een huid van glas

met lange tanden

eet mijn stad haar monumenten op

haar holle koningen

op een koperen paard

met mijn buik vol gedichten

loop ik door

de breedsprakerige straten

en tel de vogels

die als gevleugelde woorden

op de daken zitten

hier kan ik oud worden

als een kei in diep groen water