Test
Download document

VUYLSTEKE, Julius

's Avonds

 

Soms nog als de avond is gevallen

en alles in stad reeds stil,

draagt mij mijn voet voor 't huis waar zij woonde,

ofschoon ik het zelf niet wil.

 

O bloemetje van mijn eenzaam leven,

mijn liefde, mijn lust, mijn vreugd!

Een ander geniet nu uw geuren en kleuren,

en doet zich deugd aan uw jeugd.

 

Dan bersten de donkre herinringen open,

als hagelwolken op mij;

dan loop ik zo haastig mooglijk schuilen

in de herberg daar naastbij.