Test
Download document

KROL, Gerrit


Zomer

Het land is warm

De weg is wit.


Het duin is leeg.

De zee is stil.


De zon is grijs.

De dag is heel.


Ontmoeting


Opnieuw moesten wij, noodlot,

op een stille morgen in maart

elkaar zien staan, de straat

waar zij stond achterin, voor ik,

de handen langs de vensterbank,

voorbij het holle der portieken,

haar tegenging, ontving wat zij

tot het midden had bewaard:

een lachje zijdelings, o god

hoe dapper kunnen wij dan verder!

Wat rest er echter van ons samenzijn?

Mij alleen die pijn toen ik omzag

haar van achteren te zien, de schouders

en de vraag of zij zich redt.