Test
Download document

HOOGVLIET, Arnold


Abraham, de aartsvader
…..
Ja 't lust mij Abram op de tocht naar Kanaän,

En naar Egypte, en waar die goddelijke Mam

Heen zwerft op 't hoog Bevel, te volgen op mijn snaren;

Zijn' wondre omgang met de Godheid t' openbaren;

En, in bespiegeling van zijn geloof hoop

En zuivre godsvrucht, door zijn ganse levensloop

Te zweven, tot hij, door Gods eeuwige genade

De grote Vredevorst beschouwende in zijn' zade.

Ten duistren grave daalt, in hoge ouderdom.

…..
Nu is mijn taak volwrocht; mijn dichtweb afgeweven.

'k Heb twaalf boekjes van Held Abraham geschreven;

Die grote man, schier van zijn wieg tot aan zijn graf,

Op alle tochten, van zijn eerste roeping af.

Tot waar hij zegepraalt in d' opperhemelbogen.

Op vlugge vleuglen van de Dichtkunst naar gevlogen:

En dus een eerzuil, voor de Godsdienst in mijn dicht.

Met geestlijk wapentuig behangen, opgericht;

Waarop het Heilgeloof, na 't einde van mijn dagen.

Misschien nog eeuwen lang zal moed en glorie dragen.

…..
En zo de wereld mij ooit lof of eer wil geven;

Die komt U toe: die worde alleen U toegeschreven!

Want Gij bliest door uw kracht mijn ziel, al van 't begin

Tot aan het einde van mijn werk, de ijver in.....