Test
Download document

VERMANDERE, Willem


Duizend soldaten

als ge van ze leven in de Westhoek passeert
deur regen en noorderwinden
keert omme den tied als g' alhier passeert
den oorlog ga j' hier were vinden

ja 't is den oorlog da 'j hier were vindt
en 't graf van duizend soldoaten
altied iemands voader altied iemands kind
nu doodstille en godverlaten

laat de bom'n nu maar zwieg'n
en dat 't gras niets verteld
en de wind moet 't ook maar nie zing'n
dat julder'n dood tot niets hè geteld
dat woaren al te schrik'lijke dingen

zeg 't goat al goed der is welvaart in 't land
en de vrede ligt vast in de wetten
we maken wel woapens maar met veel meer verstand
maar just om den oorlog te beletten

en grote raketten atoom in den top
we meugen toch experimenteren
we mikken wel ne keer naar mekaar zijne kop
maar just om ons 't amuseren

als ge van ze leven in de westhoek passeert
deur regen en noorderwinden
keert omme den tied als g' alhier passeert
den oorlog ga j' hier were vinden

ja 't is den oorlog da 'j hier were vindt
en 't graf van duizend soldoaten
altijd iemands voader altijd iemands kind
duizend en duizend soldoaten
duizend en duizend soldoaten
duizend en duizend soldoaten


Als ik zing

Als ik zing met 't accent van mijn streke
't Is de zee die zijn zout achterlaat
Als 'k mijn woorden soms kraak en breke
't Is de storm die de dijken slaat
't Is de wind die hier holderdebolder
Ongenadig de dorpen door raast
En 's winters langs duinen en polder
De sneeuw in ons oren blaast
Hoort hem de straten doorjagen
Hoort zijn geklop en gebuis
Wat moe j' gij zo eindloos klagen
Gij wind die zo waait rond mijn huis

Ik herken de vertrouwde gezangen
Van vissers op 't ver Iseland
En 't vloeken en 't zeer en 't verlangen
Naar vrouwe, naar kinders en land
't Was lastig om hier t' overleven
Arm volkske, ruw en ongeschoold
Waar zijn de trimards nu gebleven
Te voet naar Frankrijk getjoold
Of voorgoed dan maar afscheid genomen
Dag vader, dag moeder, dag lief
'k Zal ooit nog wel werekomen
Uit Canada als 't God belieft

Ik zing voor u, frontsoldaten
Uit de oorlog van veertien-achttien
Van land en keuning verlaten
Zelfs uw grafsteen werd niet ontzien
Kan een lied ooit naar aarde smaken
Kan een taal wel geuren naar gras
Zit er bloed in de kleur van een sprake
Ons Vlaams, ons vlammend geel vlas
Ook voor u, mijn gestorven nonkels
Arthur en Hector, merci
Twee taaie nooit klagende kompels
In de putten van de Walenpays

Volk van Oranje in 't Noorden
Vrienden, lach niet gelijk zot
Om al onz' antieke woorden
Bespaart ons uw goedkope spot
Als Holland in weelde kon leven
Werd Vlaanderen leeggeroofd
Voor Alva was 't bibberen en beven
En knikken met gebogen hoofd

En zo is 't hier eeuwen gebleven
Onder keizer, prins of prinses
In 't Spaans of in 't Duits, om 't even
De verdrukking was onz' meesteres

Wie stond aan de bakkersoven
In de kelders van Brussels noblesse
Wie diende de heren van boven
Wie was stalknecht en wie de kokkes
Pigeon d'Or, La Couronne, l'Espérance
Was de naam alhier van 't café
Vive le roi et le vin de France
Het klonk schoner in 't Frans, Santé !
De cantates waren lang al vergeten
D' instrumenten niet meer bespeeld
De stem vroegtijdig versleten
En d' handen gekloofd en vereelt

Aan Vlaanderens verstrooide kinderen
Voor de honger die u zwerven deed
Voor het heimwee dat ooit wel zal minderen
Ook aan u is mijn liedje besteed
En voor d' eeuwenlange ellende
Van mijn volk uit 't platte land
Een klaagzang haast zonder ende
Uit dit stuk van 't oud Nederland
Maar w' hernemen nu d' oude gezangen
Dichten en zingen ongeremd
Hoort nu ons eindloos verlangen
D' instrumenten zijn were gestemd.


Voor Marie-Louise

als 't gebeurt da' j' niet kunt slapen
omdat de regen slaat op 't glas
of van de wind die het dak doet kraken
of omdat je stappen hoort in 't gras

kom dan bij mij om je te warmen
'k maak een kamer voor u gereed
'k zal u wiegen in mijn armen
'k zal u duiken in mijn kleed.

d'r komen soms zo'n donkre dagen
dat de lucht niet openklaart
het leven is soms zwaar te dragen
da' j' liever niet geboren waart

kom dan bij mij om je te warmen
'k maak een kamer voor u gereed
'k zal u wiegen in mijn armen
'k zal u duiken in mijn kleed.

zeg toch nooit 'k wil niet meer leven
d'r is met jouw dood niemand gebaat
dank zij jou heb 'k dit geschreven
gij die mijn lied zo wel verstaat

kom dan bij mij om je te warmen
'k maak een kamer voor u gereed
'k zal u wiegen in mijn armen
'k zal u duiken in mijn kleed

als mijn gezang gedaan zal g'raken
en 'k niet meer weet wat nog verteld
als 't gebeurt da'k niet kan slapen
van duizend angsten ben gekweld

kom ik bij jou om me te warmen
maak dan een kamer voor mij gereed
je moet mij dan wiegen in jouw armen
en mij duiken in jouw kleed.


Mijn Vlaanderland

mijn vaderland, mijn Vlaanderland, mijn nondedjuus patattenland
mijn edel dierbaar Belgenland, mijn afgescheurd stuk Nederland,
mijn klei- mijn zand- en waterland, mijn baksteenland, mijn mortelland,
mijn vlammend autostradeland, mijn asfaltland, mijn fileland,
mijn platgewalste duinenland, mijn afgezaagde bomenland
mijn doodgesproeide akkerland, mijn varkenspest- en konijnenland
mijn boter- en mijn vleesbergland, mijn afval- en mijn strontbergland,
mijn stinkend zwart rivierenland, mijn onvervalst hormonenland,
mijn Vlaanderland

mijn Vaderland, mijn Vlaanderland, mijn scrupuleuze kwezelland,
mijn beevaart- en processieland, mijn Lourdes- en Oostakkerland,
mijn pasters- en mijn kostersland, mijn wierook- en wijwaterland
mijn middeleeuws katholiekenland, mijn Koekelbergse koningsland
mijn leeggelopen kloosterland, mijn instortende kerkenland
mijn trouwlustige priesterland, mijn duvel- en mijn trappistenland
mijn heidens land, mijn heilig land, mijn vloekers- en mijn stoefersland,
mijn zeverland, mijn dronkaardsland, mijn kust-ne-keer-mijn-klotenland,
mijn Vlaanderland

mijn vaderland, mijn Vlaanderland, mijn biefstuk- en mijn frietenland,
mijn rijstpapland, mijn pensenland, mijn vetgemeste stierenland
mijn velokoers- en kermisland, mijn kaartersland, mijn toebakland
mijn luizaarsland, mijn luiaardsland, mijn Tijl, mijn Lamme Goedzakland,
mijn waanzinnige oorlogsland, mijn eindloos droevig kerkhofland,
mijn ideaal passageland, mijn doorstroomland, mijn bastaardland
mijn onverteerd repressieland, mijn nog altijd smeulend naziland,
mijn Demer- Dender- en Dijleland, mijn Leieland, mijn Scheldeland,
mijn Vlaanderland

mijn vaderland, mijn Vlaanderland, mijn Maasland en mijn Moerenland,
mijn Ruusbroek- en mijn Rubensland, mijn gezellig Gezelleland,
mijn Mercedes- mijn shoppingland, mijn carpetland, mijn lederland,
mijn dancingland, mijn discoland, mijn hard-rockland, mijn pizzaland,
mijn moederland, mijn kinderland, mijn bekept en mijn bekakte land,
mijn dwaze land, mijn lepe land, mijn wulpse land, mijn vrome land,
mijn zotte land, mijn zalig land, mijn niet-beter-of-niet-slechter land,
mijn gruwelijk en verrukkelijk land, mijn ondanks alles liefste land,
mijn Vlaanderland


Bange blanke man

‘k Zag Turken aan de Schelde, Marokkanen in de stad van Gent.

En ‘k hoorde op de markt van Brussel Algerijnen met een vreemd accent.

In Keulen zag ik Chinezen, magere mannen uit Pakistan,

In Londen Sikhs uit India met een dikke tulband an.

‘k Zag naakte Amazone Indianen, ‘k zag Crees uit Noord Canada.

En uit Lubumbashi kwam Deda, een prinses uit zwart Afrika.

‘k Zag Bantoes in ons cafeetje, ‘k zag Zoeloes op de tram,

‘k Zag Tutsi’s dansen en springen en roffelen op de tamtam.

‘k Zag Egyptische matrozen in de haven van Rotterdam.

‘k Zag Portugese Joden in de winkels van Amsterdam.

‘k Zag Inca’s in Oostende, Chilenen op het Brugse zand.

Daar speelde ’n zigeunerorkestje van een volk zonder vaderland.

Al de kinders van moeder aarde op charango en met gamelan

Ze roepen en zingen aan onze deuren: doe open bange blanke man

Doe open bange blanke man.