Test
Download document

DEBEN, Bert


De wandelaar

Hij wandelt maar, hij wandelt weg

hij wandelt naar wat voor hem ligt

de ogen slechts naar daar gericht

terwijl hij tegen niemand zegt

naar waar hij gaat, want niemand weet

wat hij niet weet, hij weet het niet

wat ginder straks het leven biedt

hij wandelt maar en hij vergeet

want achter hem heerst achtergrond

een vaag en een voorbij verleden

dat vager wordt bij elke pas

en achter hem wordt afgerond

hij wandelt beu en moegestreden

steeds verder weg van wat nooit was


Na het vrijen

Na het vrijen steek ik een gedicht op

het heeft geen kleding om het lijf

smeult na in onbeduidendheid

en schrijft dat ware liefde langer blijft

mijn rug gebold nog als een lepel

pas ik precies in jou

als net voorheen, maar omgekeerd

je inspireert

bezieling heeft geleerd dat hunkeren

een muze is die woorden tovert van gemis

terwijl je nog wat nabegeert

als ik me omdraai en je zeg

dat ik tevreden ben

ben jij al lang weer weg.