DEN OUDEN, Alfred
We leren het nooit
(naar Simon CARMIGGELT: Oude kroegverhalen)
Geef me een plaats in de hoek van zo'n oeroud café,
om te luisteren naar mensen die, hun dagtaak voltooid,
een pint komen drinken en meesmuilend luisteren
naar 't gefezel van buiten: “Ze leren het nooit.”
geef me:
Een kroeg die een kroeg is, waar gezelligheid nog troef is
en een lach het gelaat van de stamgasten tooit.
Waar een hoofdknik volstaat om de glazen te vullen.
En laat de mensen maar lullen, we leren het nooit.
Een jukebox, een biljart, wat prenten met spreuken
en een heilige driehoek die goedkeurend oogt;
Naar de gasten aan de toog, die dan alleen maar vloeken
wanneer de prijs van hun pintje weer een keer is verhoogd.
geef me ….
…..
Wie wijst me de weg naar zo'n oeroud café
zonder plastic cultuur of namaak antiek.
Waar muziek nog dient om gezellig bij te praten
en geen bonke, bonke , want dat maakt me ziek.
geef me ….
…..
.