Download document

NOWÉ, Denis



Vreemd


Als ik bak dan is het bruin,

ik ga vaak over de schreef.

Als ik marcheer dan is het schuin

en als ik schaats dan is het scheef.


Ik blijf gaarne thuis,

ik voel me snel ontheemd.

Maar als ik ergens ga

ga ik ’n beetje vreemd.




Hij viel voor Mathiel


Vijftig koninginnenhapjes

haalde Filip met kleine stapjes

want het had die nacht gevroren.

Hij heeft ze allemaal verloren.


Drie keer is hij gevallen

en met twee gekneusde ballen

Riep’ hij kreunend ‘O Mathiel

’t is voor jou dat ik viel.



Woke, vrouwvriendelijk gedichtje


Nooit floot ik op mijn vingers,

zelfs als ik werd uitgedaagd.

Ik wuif alleen naar vrouwen

als men het mij twee keer vraagt.


Nooit had ik losse handjes.

Nooit zat ik ergens aan.

Ik ben net als mijn gedichtjes

die ook nergens op slaan.



/////////////////////////////


Mijn vrouw was niet mijn allereerste,

Vind u mij niet pretentieus

’t is dat ik het biljarten zo goed beheerste

Zij hier waren mijn eerste keus.



Ja, soms zijn ze wel erg flauw,

soms zijn ze grandioos,

ik schud ze uit mijn mouw,

ik heb er een hele doos

met moeilijke woorden,

of juist heel banaal

of over bedevaartsoorden,

of lekker eens anaal.

Soms zijn ze subtiel,

andere eerder rauw,

soms gaan ze over mijn allerliefste,

maar meestal over mijn vrouw.



Als ik vrij ben ik een stille,

niemand die iets hoort,

een zuchtje hier en daar,

maar getemperd en gesmoord.

Maar, denk je, zult het nooit anders zien,

juist als de climax gaat beginnen

dan komt, tierend, zonder te kloppen

mijn vrouw de kamer binnen.



Mijn vrouw is gauw geraakt,

mijn vrouw kan uren zagen,

dan zwijgt ze geen minuut,

maar, verhef ik mijn stem,

dan noemt ze mij een bruut.

Ze roddelt en ze babbelt

tot ik zeg “Hou eens je muil!’,

dan zwijgt ze zeven dagen

en maakt geen woord meer vuil.

Als ze begint te zeveren,

is het aangename stuk,

maar vraag ik ‘Kan het wat stiller?’,

zegt ze kleinzerig ‘Fuck!’

Als ze tatert en tettert,

dan is ze echt gestoord,

dan sla ik haar de kop in

dan zwijgt ze als vermoord.



Vrind

(Ode aan Toon Hermans)


Een kamer vier op vier

en daarin laat je ’n wind.

Als iemand zegt: “Toch bljf ik hier”,

dan pas heb je ’n vriend.



Oma is ontvoerd


Ik ben heel diep ontroerd

‘k heb er last van in mijn dromen

Want oma is ontvoerd

Twee mannen zijn gekomen


Denk dat het ‘n uur of negen was

‘k was de ramen aan het zemen

’t waren de mannen van het gas

Ze zeiden: “We komen uw meter opnemen.



Mijn vrouw rookt


ik denk niet dat ik van vrouw verander

want liefde maakt van een man een blinde,

maar mijn vrouw rookt ketting als geen ander

daarom noem ik haar mijn teerbeminde.



Ik mis je zo


Ik mis je zo, ik mis je zo,

ondraaglijk is het haast.

Reeds drie maal gooide ik ‘n bijl,

en steeds zat ik ernaast.



Motorrijder

Zondagochtend, halfzeven, ik ontwaak, glip stilletjes uit bed om m'n vrouw niet te wekken en verdwijn in alle stilte in de badkamer. Eenmaal in mijn leren motorpak, ga ik op m'n tenen naar de garage om mijn moto stilletjes buiten te zetten. Bij het openen van de poort slaat de ijskoude sneeuwregen me in het gezicht. Alhoewel ik al erger meemaakte, besluit ik toch maar eerst naar het weerbericht te luisteren op de radio. De voorspellingen zijn dramatisch : sneeuw, ijzel, hagel, stormwind...

Uiteindelijk besluit ik maar terug te gaan slapen. Ik kleed me uit en eenmaal in bed, kruip ik dicht tegen m'n vrouw haar rug aan en fluister : "Het is verschrikkelijk slecht weer !" Waarop m'n vrouw, half-slapend, antwoordt : “Kan je nu geloven dat mijn man dáárin is gaan motorrijden ?



Kerstavond bij familie

…..
Ze zegt:

”Kun je het geloven,

ik was vroeger

zo’n hot ding.”

Ik zeg: I’m from Barcelona,

I know nothing.”

…..
De buurvrouw

speelt Maria.

Met haar repeteerde

ik het meest,

want haar man

is Jozef

en ik

de Heilige Geest.

…..


Ik heb mijn deel gehad

Ik heb mijn deel gehad.
Mijn vrouw heeft mij verlaten.
'k Was bang voor het zwarte gat.
Ik was in alle staten.

Maar ik heb een nieuw vriendinnetje.
Nu is alles weer oké.
Het is een negerinnetje.
Dat zwarte gat, dat valt wel mee.


Duvel


Na een Duvel of vijf

voltrekt zich steeds het wonder,

dat plots iedereen mooi lijkt,

ook de lelijkste donder.


Verduveld nog aan toe.

Je dacht dat je gescoord had.

Je zei nog tegen jezelf :

“wat heeft die griet ’n Moortgat .


Eend


Wat ben jij een mooie eend,

zei het mannetje in bed.

wacht maar zei het vrouwtje

you eend seen nothing yet.