Download document
ROBBEN, Jaap
Zullen we een bos beginnen ?
Graaf een kuil
en plant je boom
voorzichtig
naast de mijne.
Kunnen ze elkaar
uit de wind houden
als het stormt
of in de middagzon
samen zwijgen.
En als ze 's avonds
door de wimpers
van hun twijgen
naar elkaar kijken
beginnen ze al
op een bos te lijken.
Meneer
Oma kent mijn naam niet meer
vroeger spiekte ze nog
op het briefje
naast haar telefoon
verwisselde mij met mijn
vader, broer of oom.
Maar als ik nu
haar kamer binnenkom
met de klink nog
in de hand
zegt ze “Dag….
meneer.”
Oma kent
mijn naam niet meer
Kwukel
Ik ben niet bijzonder,
daar ben ik aan gewend.
Ik kan geen truc
die niemand kent.
In de stilte van mijn hoofd
bewaar ik geen geheim
dat mij de moeite maakt.
Voor mij bestaat zelfs geen recept
omdat mijn vlees naar lucht en water smaakt.
Misschien moet ik maar hopen
dat een mensenhand na duizend jaar
een paar botjes van me vindt en zegt:
‘Ik weet niet wat het is geweest,
maar dit was zo te zien
een heel bijzonder beest.’
.
You may also like … Tristitia Ante Op de besneeuwde hei: de hoeve en de houtmijt zwart en de donkre spar, sterk en geëtst onder een ster, bewaaid en strak. In het stalen maangeplas ken ik de planten zonderling, de stompe bijl en de gebroken pot door het doorzichtig-helle ijs. Eéns knaagt de kou tot … ― Maurice GILLIAMS Continue reading › zacht wonen Zoals een huis een toeval is van kamers en gangen, een samenloop van ademende omstandigheden, in, in en uit - zo krimpt het en zo zet het uit. Een raam in het dak laat wolken zien, witregels: Zoals een huis een gedicht is met membranen van baksteen, zo is een gedicht een … ― Max TEMMERMAN Continue reading › Parnas Dreun Dat ik een paradijs kon torsen, op mijn pennen, Ik bouwde een prieel van parels, en kristal, En cederde uw hof tot een oranje wal, Waarin Zephirus zou zijn Flora’s wagen mennen. Ik stak al ’t ijs in brand, en deed de zomer dansen Op klompen van robijn, langs … ― Willem VAN SWAANENBURG Continue reading › Zij is mijn moeder niet maar zwaait Een vrouw met rossig haar en zwarte rok loopt door het park zij is mijn moeder niet maar zwaait soms ging ik naar de stad misschien liep ze tussen de mensen op haar hoge hakken een angstige reiger waaromheen de lucht bevroor ik zocht en zocht tot er … ― Kira WUCK Continue reading › Nachtverlangen De heren torens hebben mij vannacht gegroet! De maan vloog blank en breed. De lucht was goed, als groen likeur groot over ’t dal verzaamd. Er klonk een ruime klank, ook klok genaamd. De blauwe dijen van de huizen blonken. De ronde borsten van de bruggen zonken. Er zwol … ― Pierre KEMP Continue reading ›