Test
Download document

RONDAS, Jean-Pierre



De hulpelozen van de macht

…..
Hoe is dat toch allemaal kunnen gebeuren, vragen duizenden ACV- en ACW-leden zich af. Wel, verklaart Develtere, het was de tijdgeest die ons deze risico’s heeft laten nemen. Op het ogenblik dat serieuze commentatoren moeten vaststellen dat de christelijke arbeidersbeweging als gevolg van deze financiële mismeestering alle morele gezag is kwijtgespeeld, roept Develtere een ver verleden tijdgeest van wild casinokapitalisme op waarvan hij zich nu gemakkelijk kan distantiëren. In De Morgen constateert een specialist, Jos Leys, dat Arco de ‘financieel ongeletterde klanten heeft begoocheld’, scherper nog, dat het ACW ‘bevoogdend en roofzuchtig heeft geteerd op de financiële ongeletterdheid van haar achterban’. Tot wanneer is de tijdgeest dan tijdgeest? In het voorkomende geval tot net voor de dag wanneer het mismanagement uitkomt en voor iedereen duidelijk wordt dat de kluit belazerd is. Noch Dexia, noch Arco waren voor ACW of CD&V een probleem tot op de dag dat ze een probleem vormden. Vanaf vandaag wordt wat ik gisteren misdeed ‘tijdgeest’ genoemd
…..
Vandaag lees ik dat het totale Dexia-risico dat de hele Belgische bevolking op zich heeft moeten nemen 72 miljard euro, of niet minder dan twintig procent van het Belgische bruto binnenlands product bedraagt. Hier moet meteen ook het verband worden gezocht tussen de twee grote thema’s van mijn verhaal, namelijk het financiële debacle van het ACW en het communautaire debacle van CD&V . De Dexia-garanties vormen inderdaad een werkelijke coup d’état , gepleegd door een regering in lopende zaken, met als gevolg dat de politiek onmogelijke unie die België is geworden, via een kolossale schuld weer voor een hele tijd in een financiële houdgreep zit. Verhoog de schuld, en de Vlamingen blijven in de staat. Het gaat om de lelijkste pad die ooit door een Vlaamse politieke partij in Vlaanderens korf is gezet. Zolang deze regering geen echt parlementair onderzoek naar deze malversaties toelaat, beschouw ik ze dan ook als een afruilmanoeuvre tussen PS (die de communautaire meubelen wou redden) en CD&V (die de financiën van de christelijke zuil wou vrijwaren).

…..
Waarom maakten de Franstaligen zo’n haast met de installatie van hun ongrondwettelijke federatie, die tijdens de lopende regeringsonderhandelingen de verhouding met de Vlamingen zeker nog meer zou verzuren?

Een eerste reden zou kunnen liggen in de omstandigheid dat de Franse gemeenschap haar eigen onderwijsbevoegdheid in Wallonië en Brussel niet meer aankan, noch financieel, noch inhoudelijk. Door de vlucht vooruit te kiezen en onderwijsbevoegdheden te usurperen, ‘federaliseert’ het Brusselse gewest de kosten die de Franstalige gemeenschap zelf niet meer kan dragen (wat dus wil zeggen dat Vlaanderen die kosten voor tweederden zal moeten betalen). In dat kader merkt men tegelijkertijd hoe het Vlaams onderwijs wel degelijk beroemde tweetaligen aflevert. De school van Lukaku en de klas van Vincent Kompany spreken (Nederlandstalige) boekdelen. De Franstalige bevolking begint zich van haar eigen onderwijs af te keren, en met reden. Men begrijpt heel goed dat de francofonie het Nederlandstalig onderwijs in Brussel uit handen van de Vlaamse Gemeenschap wil nemen om het te vervangen door een zogenaamd veeltalig onderwijs dat naar men beweert veel beter zou scoren – een onbewezen stelling waarin vooral Groene Vlaamse politici meegaan. Men weet onderhand wat het aanleren van de tweede taal (Nederlands) in het Brusselse Franstalige onderwijs voorstelt.

Een tweede reden waarom er zo’n haast was bij de stichting van de Wallo-Brux constructie als gemeenschapsvervangend instrument ligt in de nu wel acuut geworden reorganisatie van het circus der negentien gemeenten. Al jaren waarschuwt Philippe Van Parijs tegen een Vlaams-Waals ‘condominium’ van Brussel, als mogelijk resultaat van een compromis tussen Vlamingen en Walen aangaande het beheer van Brussel. Toch is het gemeenschappelijke beheer van de Belgische hoofdstad niet zo’n extreem idee. Integendeel, want de ‘proximité’ (subsidiariteit) zou gerespecteerd worden, en de stad zou alleen qua Europese, ecologische, externe mobiliteits- en gemeenschapsmateries bevoegdheden moeten delen met het federale niveau en met de gemeenschappen. Al de rest valt onder soevereine Brusselse bevoegdheid. Welke hoofdstad in Europa zou daar niet voor tekenen?

…..


Een kwestie van bestaan

…..
Het was Frans Baert, jurist, advocaat en Volksuniesenator die hem (Baert-doctrine ) op een blauwe maandag op het spreekwoordelijke bierviltje schreef. Zijn formule gaat over de trein van de Vlaamse beweging. In tegenstelling tot de treinen van het vierde studiejaar is wel de richting van de trein, maar niet de exacte bestemming gekend. Er is dus alvast een onbekende. We weten alleen dat het richting autonomie gaat, maar het eindstation kan ook zelfbestuur heten, of zelfbeschikking, of onafhankelijkheid.

Het gaat hem om de tussenstations. De trein mag zich bijvoorbeeld niet laten omleiden. Om nu te weten te komen bij welke tussenstations niet mag gestopt worden, werkte Baert drie voorwaarden uit. Beantwoordt zo’n station niet aan deze voorwaarden, dan moet het gepasseerd worden

De eerste voorwaarde luidt dat de tussenstop de moeite moet zijn om er een politicum van te maken. Je moet er kunnen uitstappen om een belangrijk intermediair stadium geregeld te krijgen. De tweede zegt dat de gedane toegevingen in verhouding moeten staan tot het belang van de stop. Er mogen van daaruit geen dure uitstapjesgemaakt worden. De derde en belangrijkste voorwaarde stipuleert dat deze aanzienlijke stap (waarvoor een billijke prijs is betaald) verdere stappen niet onmogelijk mag maken. Er mag ook geon wissel zijn die je naar een andere bestemming loodst of, erger, terugleidt naar af.

De Baert-regels zijn een product van de Belgische compromis-cultuur van geven en nemen. Ze bakenen de grenzen af van hoever men in compromissen kan gaan. Ze sluiten ‘rotte compromissen’ uit.

Daartegenover hebben de Franstalige en Belgische belgicisten stootbokken, dode sporen en misleidende wissels geconstrueerd die naar zijsporen leiden. Alles samen noemen we ze de grendelgrondwetten.

…..
Ook identitair begon het mis te lopen: voor vele cultuurmensen bestaat er vandaag niets ergers dan ‘Vlaams’ te worden genoemd of met Vlaanderen geassocieerd te worden. Het is dus niet zozeer de Vlaamse Beweging die zich van de kunst heeft afgewend, het is voornamelijk de kunstwereld die zich van de Vlaamse Beweging heeft afgewend. De in de openbaarheid optredende cultuurdragers lijken de Vlaamse Beweging als conservatief, neoliberaal of extreemrechts te beschouwen (en vaak dit alles tegelijk en dooreen). Tegelijk ijveren ze actief voor de deconstructie van Vlaanderen en willen ze graag bijdragen tot een re-belgiserende pedagogie. Ze doen aan cultural engineering om België te herstichten. Zo zijn ze spreekbuizen van de neobelgicistische tendens geworden en kiezen ze expliciet tegen een verdere devolutionaire ontwikkeling van de Belgische staatsstructuur. Hun belgicisme is in hun eigen inschatting ‘links’ en hun linkse optie is belgicistisch.

…..
Van deze 56.000 Joodse inwoners van België werden tussen 1942 en 1944 ongeveer 25.000 mensen gedeporteerd, dat is ongeveer 45 %. Zowel Van Goethem als Lieven Saerens als Insa Meinen geven preciezere cijfers, maar wel met aanzienlijke onderlinge verschillen. Dat wil zeggen dat meer dan 30.000 mensen aan deportatie ontsnapten en overleefden. De verhouding overlevers-overledenen schijnt in België onder het militair bestuur aanmerkelijk beter te zijn geweest dan in het burgerlijk bestuurde Nederland waar de bestuurlijke collaboratie nog veel ‘loyaler’ was (men spreekt van 70 % slachtoffers.

…..
Het terrein waarop het antideficitdenkers de grootste ravages heeft aangericht is de theorie van het taalonderwijs. Dit negatieve denken richt zich hier, uiteraard en alweer, tegen de notie van taalachterstand bij nieuwkomers. Die is er niet want die mag er niet zijn. Taalachterstand constateren is voor deze didactici immers typisch deficitdenken.

…..
Tijdens het jaar van de stilte zelf, voor de kanteling van eind 1942, waren het voornamelijk de attentisten die zwegen: mensen die de kat uit de boom keken en daarom officieel ‘samenwerkten’ (lees: collaboreerden) met de bezettende Duitse macht. Daarvan is oorlogsburgemeester Delwaide het paradigma. Van 1942 tot het einde van de oorlog zwegen ze over hun schuldige zwijgen; wat zelfs de basis vormde voor wat ( Herman ) Van Goethem ‘de Ark van het Witte Verbond’ noemt.

…..
Volgens deze wereld creëert het zogenaamd niet-nationalistische België immers de bestaansvoorwaarden voor de huidige superdiversiteit en de toekomstige grenzeloosheid. In vergelijking daarmee kan Vlaanderen niets anders zijn dan een gepasseerd stadium. Cultuur heeft waarde voor een gemeenschap, dat wordt grif toegegeven, maar dan met uitzondering van de Vlaamse gemeenschap.

…..
We zouden het zo kunnen formuleren: De Vlaamse polarisatoren hebben de Franstaligen alles afgenomen. Eerst en vooral hebben wij aan de Franstaligen Vlaanderen zelf afgenomen. ‘Ils nous ont pris la Flandre,’ schreef Jules Destrée. De Vlamingen polariseerden. Wij namen de Franstaligen hun privilegies af; wij polariseerden. Wij namen hen het recht af Leuven volledig te verfransen; wij polariseerden ….Zij hadden nu eenmaal de slechte gewoonte om hun buitensporige privilegies als verworven te beschouwen, en eerlijk verongelijkt te zijn wanneer die hen werden afgenomen.

…..
Toen het duidelijk werd dat Bart De Wever in de Vlaamse politiek een belangrijke rol zou gaan spelen, startte Le Soir onder leiding van hoofdredactrice Béatrice Delvaux een van de hevigste en smerigste fasciserings- en demoniseringscampagnes in de geschiedenis van de Belgische staat. Tot en met de omstandigheid dat zijn vader officieel Henri heette maar Rik werd genoemd, werd in Francofonië aanvaard als bijkomend bewijsstuk voor Barts fascisme. Het ultieme bewijsstuk was zijn vaders grafsteen.

…..


Scherp op ongedierte, Doorbraak 2/2/2012

Mise au Point/RTBF: de eerste uitzending van het lopende seizoen (2012)

…..
De belangrijkste interviewer is Olivier Maroy . Vergeleken bij hem zijn de Deborsu’s flamingantische koorknapen. Dus mocht Jean-Marc Nollet (Ecolo, n.v.d.r.) op zondag 28 augustus 2011 het huidige seizoen mee openen. Hij wist wat hem te doen stond, en hij deed het dan ook. Aanwezig waren, naast de vernoemde figuren, ook nog de politici Rik Torfs voor CD&V, en Philippe Moureaux voor de Brusselse PS. Ik nam notities.

Moderator Olivier : U heeft gezegd dat de parasiet verdwenen is?

Jean-Marc (glimlacht) : Ja, tegenover de arrogantie en de provocatie van de N-VA stellen wij het respect. Le parasite n’est plus autour de la table. Herhaalt: Le parasite n’est plus autour de la table.

Olivier (wil zijn interlocutor waarschuwen, hij is tenslotte een moderator die de interviewee moet behoeden voor al te boude uitspraken): ‘Le parasite, c’est un nuisible, hein!’ Met andere woorden, ‘u beseft toch dat de parasiet behoort tot de klasse van het ongedierte?’
Jean-Marc : Tout à fait! Mais pour l’avenir du pays, la N-VA est effectivement un nuisible. Als ‘ecologisten’ verwachten wij niets meer van de N-VA.

…..
Het is niet voor het eerst dat uit dit vaatje wordt getapt. Een facebookgroep van het FDF noemde in 2009 de Vlaamse pendelaars in Brussel ‘woekerend ongedierte’, ‘la vermine pullulante’. En dan de fameuze mérule-uitspraak van Laurette Onkelinx. In 2007 spoorde ze de Luikse socialisten aan met onder meer de volgende zin: ‘Camarades, le jeu est clair. La mérule flamande est en train de travailler l’Etat fédéral’. ‘La mérule’ is een gevaarlijk soort huiszwam, en Onkelinx maakte bij het uitspreken van dat woord krieuwelende, krioelende bewegingetjes met haar vingers. De Vlamingen hadden weer een woord bijgeleerd, maar dan wel uit hetzelfde woordveld.
…..
Vermine, nuisibles, parasites, mérule: hoe ik het ook draai of keer en verzachtende vertalingen zoek, telkens weer kom ik uit bij ongedierte. In het Duits heet het Ungeziefer, Parasiten, Bazillen, Wanzen, kortom en in één samenvattend woord: Schädlinge, schadelijke beesten. Daartegenover staat de nieuwe gezondmaking (Gesundung), de zuivering (Säuberung), de hygiënische profylaxis, de sociale en politieke hygiëne. In het Duits maakt heel deze terminologie deel uit van het nazi-vocabularium en slaat ze op joden. Volksschädlinge: een gevaar voor de staat – ‘pour l’avenir du pays’, om het nog eens in Nollets woorden te zeggen.

…..