THEYS, Jot
Een mens
Toen hij geboren werd, woog hij drie kilo,
met vijftien maanden liep hij al vanzelf
en toen hij drie was, ging hij naar de fröbel,
van zes jaar naar de laagre school tot elf.
Hij deed toen zijn plechtige kommunie,
hij had op school steeds zeventig procent;
zijn leraars waren over hem tevreden,
hij diende in een linieregiment.
Hij trouwde met zijn vijfentwintig,
de voornaam van zijn vrouw was Jeanne,
ze kregen eerst een zoon en dan een dochter,
zij heette Mia en de jongen Jan.
Hij maakte tamelijk goed carrière,
met vijfenzestig ging hij op pensioen,
toen zette hij zich wat aan ’t schildren,
hij stierf bij ’t wisselen van ’t seizoen
Hij kreeg een grafsteen met een kruis op,
dat was altijd zijn hartewens,
daarop staat: requiscat in pace,
bid voor zijn ziel, hier ligt een mens.