Test
Download document

PANAJOTOVA, Maja


Antwerpen


Ik was dertien

toen ik dit droomde,

in het begin van de herfst,

bij mijn grootmoeder in Aleksandrovo.


-----Ik bevond me in een onbekende straat.

-----De huizen stonden zij aan zij,

-----als om zich aan elkaar te warmen.

-----De daken staken in de hoogte

-----als hoeden van middeleeuwse dames.

-----De mat-gekleurde vensterruiten,

-----gevat in loden raampjes, trilden.

-----In de lage grijze nevels smolt

-----de suikeren toren van een kathedraal.

-----Het gelui der klokken vulde, mét de regen,

-----de smalle straten en de pleintjes.

-----Mannen met gezichten als van Albrecht Dürer

-----liepen voorbij; hun baarden hielden

-----de druppels vast als struikgewas.

-----Boven bloemen en groenten en vogels

-----schreeuwden handelaars met rode wangen

-----rauwe tweeklanken en schurende g's.

-----Toen kwam ik bij een kerkhof.

-----Tussen de stenen engelen las ik

-----op één van de verweerde zerken

-----mijn eigen naam.


Zo ver van ons huis in Aleksandrovo.


///////////////////////////////////////////
…..
in een onbetreden woud zoek ik

naar die ene boom waaruit ik

de kano kan hakken die me

naar de andere oever brengt.
…..

Moeder

…..
Vandaag heeft de bruine aarde

jouw bruine ogen uitgewist.

En de spin van de grote leegte

heeft in jouw haar zijn web geweven.

…..